Er zijn zo van die dingen waar je je als ouder aan kunt ergeren waar een ander van denkt: waar maak je je druk om?! Geen halszaken maar dingen die het leven van een ouder onnodig lastig maken. Oftewel: kleine grote ergernissen. Ergens hoog boven in mijn top 10 staat de zogenaamde kiddy ride. “De kiddy wat?” hoor ik je denken. De kiddy ride. Tot voor kort wist ik ook niet dat dit de naam was van één van mijn kwelgeesten maar speciaal voor deze blog ging ik op zoek naar de naam van deze doorn in mijn oog, et voilà! De kiddy ride, je weet wel, zo’n felgekleurd elektrisch apparaat in de vorm van een auto, paard, boot of wat een kind ook aanspreekt, veelal te vinden naast de ingang van een winkel. De kiddy ride “zorgt voor een beleving” aldus de site van één van de exploitanten van deze “amusementsautomaten”. Een beleving krijg je zeker wanneer je met je kind tegen een kiddy ride aanloopt, maar amusement zou ik het niet willen noemen. In ieder geval niet voor de ouder die zijn of haar kind moet zien weg te krijgen bij dit gevreesde apparaat.
Ik denk dat de exploitant op zijn site met “amusementsautomaten” vooral doelde op het vermaak voor de omstanders
Mijn antipathie begon ongeveer op het moment dat onze oudste zelf kon lopen en in het stoeltje van de winkelwagen mee de winkel in ging in plaats van in de kinderwagen. Hij zal toen ergens tussen de anderhalf en twee jaar oud zijn geweest. Om de ingang van de supermarkt te betreden moest je zo’n leuke gele auto met hamster passeren. Het was onmogelijk deze te omzeilen. Nadat hij een paar keer gezien had dat andere kinderen erin hadden gezeten én dat dat ding zelfs kon bewegen was er geen ontkomen meer aan. Meneer wilde ook. Eenmaal erin zou ik mijn boodschappen wel kunnen vergeten dus ik begon er niet aan. Hij zeurde er steevast om maar ik hield voet bij stuk. Gevaar geweken zou je denken. Maar nee! Zodra je voorbij de kassa was moest je nog éénmaal langs de auto. Wat was ik blij als er al andere kinderen in zaten. “Helaas lieverd, hij zit vol, misschien de volgende keer” zei ik dan met pokerface, terwijl ik gauw naar buiten liep voor de andere kinderen door hun ouders gesommeerd zouden worden het voertuig te verlaten. Maar een enkele keer moest ik er toch ook aan geloven en mocht hij er even in. Dit is ook het moment dat de leugentjes om bestwil hun intrede deden: “Nee lieverd, mama heeft geen muntjes mee dus hij kan niet aan”, ondertussen hopend dat het kleingeld in mijn zak niet zou rammelen. “Oh wat jammer, er staat dat hij stuk is”. Die hield ik overigens niet lang vol: “Waar staat dat dan mama?”. Ondanks dat ik hem nooit aan deed (“dat doe je alleen met oma’s!”), bleef het telkens een drama om mijn kind er weer uit te krijgen. Aangezien ik dan naast een boze peuter ook tassen vol boodschappen en later ook een zwangere buik mee naar buiten moest loodsen was het altijd een hele opgave. Ik denk dat de exploitant op zijn site met “amusementsautomaten” ook vooral doelde op het vermaak voor de omstanders bij het zien van de worsteling tussen ouders en kinderen bij het apparaat. Bij onze supermarkt stonden er in de buurt zelfs stoeltjes waarop met name gepensioneerd publiek genoot van het schouwspel. Applaus heb ik nooit gekregen helaas. Na een grote verbouwing van het winkelcentrum zijn mijn gebeden verhoord en is de kiddy ride tot groot plezier van vele ouders niet meer teruggekeerd!
In de verte doemde de felgele kleur van de kiddy ride bij de ANWB op.
Met het verdwijnen van de kiddy ride bij de supermarkt is mij heel wat stress bespaard. Helemaal vrij van deze kwelgeesten zijn we natuurlijk niet. Her en der door de stad staan er nog een aantal. Meestal weet ik die handig te ontlopen. Laatst ging het helaas mis. De middelste was al een paar dagen niet helemaal fit thuis. Die ochtend ging het wat beter en besloot ik met hem en z’n zusje naar de markt te lopen. Het ging zo goed dat ik nog iets verder besloot te gaan. Daarmee sneed ik mijzelf uiteindelijk in de vingers. Ik nam zonder nadenken een “leuke” route terug naar huis maar kreeg al gauw spijt. In de verte doemde de felgele kleur van de kiddy ride bij de ANWB op. Op het moment dat ik het mij realiseerde en snel wilde omkeren was het al te laat. De peuter had hem ook in de gaten gekregen en stapte van het plankje aan de kinderwagen af en voor ik het weet zat hij er al in. Goed, ik had geen haast, mijn dochter viel gelukkig in slaap, dus hij kon een hele tijd in de auto zitten. Maar op een gegeven moment wilde ik toch echt naar huis en meneer niet. Lang verhaal kort: met een gillende peuter in mijn ene arm en een kinderwagen met baby en boodschappen voortduwend met de andere manoeuvreerde ik mij over de markt vol toeristen richting huis….De entertainmentwaarde voor omstanders was in ieder geval hoog.
Dat brengt mij ook bij een van de andere ergernissen die hoog op het lijstje kleine grote ergernissen staat.
Dat brengt mij ook gelijk bij een van de andere ergernissen die hoog op het lijstje kleine grote ergernissen staat: het grappig bedoelde commentaar van omstanders, opvallend genoeg vaak zeventig-plussers, wanneer ze je zien ploeteren met een tegenstribbelend kind. Lieve meneer in de buurt van de ANWB. In plaats van uw gelach en grappig bedoelde opmerking (“mocht je geen ijsje jongen?”) had u ook de keus gehad uit drie meer gepaste reacties. U had kunnen stoppen en aanbieden om óf de kinderwagen óf de krijsende peuter over te nemen en een stukje met mij mee te lopen. Ik snap dat dat best ingrijpend is dus u had ook voor de tweede optie kunnen gaan. Dan had u mij een bemoedigend knikje kunnen geven van “komt goed meisje” en door kunnen lopen. En als dat zelfs teveel gevraagd zou zijn had u als laatste optie ook gewoon door kunnen lopen Maar nee, u koos de optie die het minst geschikt was namelijk grappig willen overkomen bij uw vrienden en mij lastig vallen op een moment dat het al lastig genoeg was. U verwachtte namelijk overduidelijk ook een reactie. Eén troost voor u. U bent niet de enige zeventig plusser die zo reageerde tijdens mijn tocht naar huis, dus schijnbaar is het óf de leeftijd óf de generatie en zal ik het u niet helemaal kwalijk nemen.
Ik heb het idee dat de kiddy ride een beetje uit de mode begint te raken.
Tot slot wat bemoedigende woorden voor de ouders die momenteel ook zo weinig plezier beleven aan deze vorm van kindervertier. Het wordt minder! De oudste geeft er al niet meer om en als hij er al in gaat met z’n broertje gaat hij er ook zonder morren weer uit. Ook heb ik het idee dat de kiddy ride een beetje uit de mode begint te raken want ik kom ze steeds minder vaak tegen. Nu nog de draaimolen die de gehele zomer op de markt staat in de ban (mijn leugentje om bestwil werkt daar niet, “je kan gewoon pinnen hoor mam!”) en deze moeder kan weer ongestoord de hort op!
